Mafia

Mafia

Vier spelers staan met hun rug naar het publiek en handen voor de oren. Het publiek noemt twee woorden. Deze worden gebruikt als codewoorden. De presentator zorgt (met briefjes bijvoorbeeld) dat twee spelers het ene codewoord krijgen en de andere twee het andere. Middels de codewoorden zijn dus twee koppeltjes gevormd, alleen weten de spelers nog niet van elkaar met wie ze een koppel vormen. De scène begint met een algemeen spelgegeven (bijvoorbeeld ‘een kliekje’, een bepaald soort mensen). Door je codewoord handig in de scène te gebruiken kan je partner er achter komen dat jullie twee bij elkaar horen. Het is de bedoeling dat het ene koppel het andere uiteindelijk om zeep brengt in de scène.

Bedacht door Vaas voor de Boom op het NSK 2004.